BRUINS Jr., Jan Anthonie

Jan Anthonie Bruins Jr.

woordvoerder van de Friese 'rode dominees', is geboren te Aartswoud (NH) op 8 juni 1872 en overleden te Oranjewoud op 5 december 1947. Hij was de zoon van Jan Anthonie Bruins, Hervormd predikant, en Engelina Johanna van Lith. Op 20 juni 1904 trad hij in het huwelijk met Gesina Wilhelmina Berkenbosch, verpleegster, met wie hij een dochter en twee zoons kreeg.

Als zoon van de liberale nieuw-testamenticus en kerkrechtkenner 'Bruins van Idaard' bezocht Jan Anthonie het Leeuwarder gymnasium, waar hij les kreeg van dr. Vitus Bruinsma. Terzelfder tijd bezocht een van zijn zusters, het latere Kamerlid voor de SDAP, Agnes E.J. (de Vries-)Bruins de middelbare meisjesschool. Zij liepen heen en terug naar Idaard. Heimelijk lazen zij het blad Recht voor Allen. Volgens eigen zeggen bracht F. Domela Nieuwenhuis Bruins tot het socialisme, maar beroofde hij hem niet van het geloof. In Leiden, waar Bruins theologie studeerde, behoorde hij na een 'vrolijk' begin tot de 'mannen van het ernstig besef'. Hij werd geheelonthouder en vegetariër en hielp E.C. Knappert bij haar werk in het Leidse Volkshuis. Met verschillende vrienden kwam hij als socialist in Friesland terug en belandde als dominee eerst te Terwispel-Tynje in het onkerkse veenland (in 1896), daarna (in 1900) 'op'e Knipe' bij Heerenveen - in welke tijd hij actief was als secretaris en voorzitter van de democratische kiesvereniging Recht door Zee uit Heerenveen en ten slotte te Stiens (vanaf 1906 tot zijn afscheid in 1936). Ook als emeritus bleef hij Friesland trouw.

Bruins was het type van de goede dorpspastor, die met veel liefde, humor en grote trouw de hem toevertrouwde kudde hoedde. Hij bracht geen partijpolitiek op de kansel. Wel wist ieder, dat hij socialist was. Hij sprak voor de geheelonthoudersbeweging en ook op socialistische bijeenkomsten. In 1902 richtte hij met zijn collega's S.K. Bakker en S. Winkel als mederedacteuren en met de medewerking van H. de Haan, A.H. van der Hoeve en M. van der Vegte Jr. het christen-socialistische weekblad De Blijde Wereld op, dat tot 1932 onder die naam verscheen en toen, onder redactie van W. Banning, als Tijd en Taak werd voortgezet. De Blijde Wereld was vooral bestemd voor Friese en andere geestverwanten in de eigen gemeenten en daarbuiten. Op de tien tweejaarlijkse Blijde Werelddagen tussen 1906 en 1924 hielden zij familiereünie. Zonder opzettelijk propaganda te voeren en beseffend, dat het christelijk geloof meer omvatte dan het socialisme, bewerkten zij mede de 'grote ontmoeting'. In de ogen van de orthodoxe christen-socialisten als Enka (A. van der Vlies) waren de vrijzinnige Blijde Wereldmensen, die zich in 1905 uit verzet tegen A. Kuyper bij de SDAP voegden, te gematigd en te weinig principieel. Bruins werkte vooral door het stille voorbeeld, de solidariteit. De bescheiden zoon van de liberale vader moest iets goed maken. Het simpele werk voor de Arbeiders Jeugd Centrale en de Jeugdbond voor Onthouding, voor afdelingen van de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken, kleine afdelingen van de SDAP, het Instituut voor Arbeidersontwikkeling en voor sociaal-democratische vrouwenclubs was 'Drums van Stiens' het liefst. Tegenover Banning en anderen, die meer op theoretische verdieping mikten, pleitte de practicus voor het werk 'in de steengroeve'. Er moest eerst veel wantrouwen worden weggenomen. Rond 1910 zat Bruins in de commissie voor het nieuwe program van de SDAP, hetgeen te zien is als een erkenning van de betekenis van de christen-socialistische stroming. Bruins was degene die in het SDAP-beginselprogramma van 1913 liet opnemen dat het kapitalisme ook zedelijk veroordeeld is.

Bruins had grote journalistieke gaven en heeft die behalve voor De Blijde Wereld ook voor De Blauwe Vaan ('Hoekjes'), voor de Rotterdamse Voorwaarts ('Zoeklichtjes') en voor vijf à zeven plaatselijke kranten ('Torenwachter') beschikbaar gesteld en op die wijze honderden artikelen geschreven. In de Bildtsche Courant volgde hij zijn leermeester Bruinsma op. Aanbiedingen om vast verbonden te worden aan de Nieuwe Rotterdammer Courant en aan de Arbeiderspers of een Kamerkandidatuur te aanvaarden sloeg hij af. Bruins en zijn oudere en jongere vrienden waren vaak voorzitter van de plaatselijke SDAP-afdelingen en spraken dikwijls op meivergaderingen en kerstwijdingen. Voor 1940 bepaalden zij mede het gezicht van de Friese SDAP. In 1932 waren er in Friesland zeventien socialistische dominees, van wie veertien lid waren van de SDAP.

Archief: 

Een grote collectie van door J.A. Bruins Jr. geschreven artikelen en gehouden lezingen (negen bundels) in Provinciale Bibliotheek van Friesland (Leeuwarden), Hs. 1750.

Publicaties: 

Bruins heeft verschillende kleine brochures en preken uitgegeven, die vermeld worden in: Mededelingenblad, nr. 17, april 1960, 13-14 en vermeerderd met de belangrijkste artikelen in de bibliografie van J.A. Bruins Jr. in de Provinciale Bibliotheek van Friesland (Leeuwarden), A 4153. Een keur uit de 'Hoekjes' uit De Blauwe Vaan verscheen in: Ds. Bruins van Stiens. Een zelfportret in Hoekjes (met inleiding van E.J. Wilzen-Bruins en levensbericht van F. Kalma-Koops) (Utrecht 1948).

Literatuur: 

H.B. Wiardi Beckman, 'Over het ontstaan van het beginselprogram' in: De Socialistische Gids, 1930, 228-238; H.J. Wilzen, A. van Biemen, Samen op weg (Amsterdam 1953); J.J. Kalma, 'Bruins jr. (Jan Anthonie)' in: Mededelingenblad, nr. 17, april 1960, 12-14; J.J. Kalma in: Dit wienen ek Friezen III (Ljouwert 1966) 119-126; J.J. Kalma, 'Rode dominees in Friesland' in: De Vrije Fries, 1987, 53-63.

Portret: 

J.A. Bruins Jr., uit: J. Wilzen, A. van Biemen, Samen op weg (Amsterdam 1953), t.o. 33

Auteur: 
J.J. Kalma
Oorspronkelijk gepubliceerd in: 
BWSA 2 (1987), p. 29-31
Laatst gewijzigd: 

29-05-2002