WERKHOVEN, Cornelis

Cornelis Werkhoven

(roepnaam: Kees), secretaris-penningmeester van de SDAP, is geboren te Lunteren op 16 september 1887 en overleden te Bussum op 4 december 1928. Hij was de zoon van Hermanus Werkhoven, palfrenier en bosopzichter, en Evertje van Hussel. Op 15 augustus 1915 trad hij in het huwelijk met Hendrika Titia Dijkhuis, met wie hij twee dochters en een zoon kreeg.

Werkhoven doorliep van 1903 tot 1907 de Rijkskweekschool in Maastricht, waar hij behoorde tot een groep die W.C. de Jonge vroeg een cursus socialistische beginselen te geven. Hij werd onderwijzer te Veenendaal en vanaf 1909 te Arnhem. Daar werd hij meteen actief in de afdelingen van de Bond van Nederlandsche Onderwijzers en de SDAP. Werkhoven werkte vanaf 1918 mee aan het Gelderse partijblad De Arbeid, waarvan hij enige tijd het Arnhemse kopblad redigeerde. In 1919 werd hij voorzitter van de partijafdeling. In juni 1920 kwam aan deze Arnhemse activiteiten een eind, toen Werkhoven secretaris van het partijbestuur werd. Hij werd gekozen omdat men een jonge man zocht die hard en lang zou kunnen werken. Daarin stelde Werkhoven niet teleur. Ook de kwaliteit van zijn werk was goed. Het contact tussen afdelingen en centrale partij was zelden zo intensief als tijdens zijn secretariaat. In het partijbestuur kreeg hij veel invloed in organisatorische zaken, maar in de partij werd Werkhoven niet populair. Hij sprak op een belerende toon die bij het kader niet goed viel. Ook mensen die geregeld met hem omgingen, vonden hem stug en wantrouwig. Dat zou een van de redenen geweest zijn waarom W. Drop in 1925 het penningmeesterschap van de partij opgaf. Werkhoven nam het erbij en vervulde ook deze taak naar behoren.

Namens de SDAP maakte de secretaris deel uit van talloze commissies en besturen. Werkhoven was betrokken bij de introductie van de radio-omroep en maakte deel uit van de Regeeringscommissie voor den Nationalen Draadloozen Omroep, waarin hij zich als enige tegen overheidscensuur op radio keerde. Hoewel hij betrokken was bij de oprichting van de Vereeniging van Arbeiders Radio Amateurs (VARA), kon hij voor deze verwante omroep niet warm lopen. Verder was Werkhoven lid van het bestuur van de Arbeiders Jeugd Centrale (AJC) (vanaf 1920), van de commissies die het Instituut voor Arbeidersontwikkeling (IvAO) ontwierpen en na de oprichting in 1924 van het bestuur, in 1924 van het Comité van Actie tegen de plannen Colijn inzake het Onderwijs en in 1928 met W. Drees, J. Oudegeest en F.M. Wibaut van de Commissie van IV die de oprichting van De Arbeiderspers voorbereidde. Werkhovens werkkracht moge blijken uit het feit dat hij daarnaast nog tijd vond om lid te zijn van de gemeenteraad van Bussum (1922 - 1925). Hij was secretaris en directeur van het adviesbureau van de Vereeniging van Sociaal-Democratische Gemeenteraads- en Provinciale Statenleden en organiseerde in deze functie in 1928 met Ed. Polak een Schriftelijke cursus in Gemeentepolitiek (Amsterdam 1928). Meer dan zijn stugge werkkracht viel echter zijn stugge karakter op. Ook in de nevenfuncties maakte hij daardoor tegenstanders. In het AJC bestuur drong hij geregeld aan op beperking van de zijns inziens te groots opgezette activiteiten. Door AJC-voorman J.J. Vorrink werd dat als 'pesten' beschouwd. Vorrink en Werkhoven - actief lid van de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken - hadden naast hun opleiding ook het geheelonthouderschap gemeen, maar de pragmatische Werkhoven zag de bevlogen Vorrink als een creatuur van NVV-voorzitter R. Stenhuis. Hij wilde Vorrink dan ook niet als voorzitter van de AJC. Met Stenhuis kon Werkhoven nog minder opschieten. Hij vond hem tactloos en te scherp van toon. De gevoelens waren wederzijds. In september 1925 verweet Stenhuis in een gemeenschappelijke vergadering van de besturen van SDAP en NVV Werkhoven 'sluwheid en listigheid'. Een van de redenen waarom Werkhoven voorstander bleef van betrokkenheid van de SDAP bij de AJC was dat hij bang was de jeugdorganisatie anders in de armen van Stenhuis' NVV te drijven. Werkhoven vond dat de SDAP afstand moest houden van het NVV. Hij was tegenstander van Stenhuis' ideeën omtrent het vormen van een Labour Party. Het voorstel van Stenhuis tot het stichten van een arbeiderspartij noemde hij verward en 'revolutionaire lawaaisaus'. Hij verzette zich ook tegen linkse SDAP'ers die vanaf 1927 rond het blad Eenheid met communisten en andere linkse socialisten probeerden samen te werken. Volgens Vliegen leed Werkhoven onder zijn geringe populariteit en besefte hij vaak na afloop van een botsing dat het anders gekund had. Een door de VARA uitgezonden rede, waarin hij de katholieken gekwetst zou hebben, leidde ertoe dat na september 1928 de omroep al zijn radioredes van te voren wilde censureren. Dat Werkhovens inzet door zijn omgeving wel gewaardeerd werd, bleek pas na zijn plotselinge dood op jeugdige leeftijd. Midden in de voorbereidingen van de verkiezingen van 1929 werd Werkhoven ziek. Na een spoedoperatie traden complicaties op, waaraan hij eind 1928 overleed.

Publicaties: 

Voorbericht' in: Verzameling van congresbesluiten genomen sedert de oprichting der S.D.A.P. en het congres van 1924 (z.pl. 1925); Der Rooden Meiboom (Amsterdam 1925); Hoe het groeide. Een beknopte geschiedenis van het ontstaan, de ontwikkeling en den tegenwoordigen toestand der Soc.-Dem. Arbeiderspartij in Nederland (Amsterdam 1928, twee delen).

Literatuur: 

Vliegen, Kracht III, 143-144; 'Werkhoven overleden' in: Het Volk, 5.12.1928; B. Bakker, 'C. Werkhoven' in: Het Volk, 6.12.1928; W.H. Vliegen, 'C. Werkhoven' in: De Socialistische Gids, 1929, 1-4; H. van Hulst, A. Pleysier, A. Scheffer, Het roode vaandel volgen wij (Den Haag 1969) 141, 143-145, 152, 158, 163, 175; H.F. Cohen, Om de vernieuwing van het socialisme (Leiden 1974) 36, 102, 106, 111, 120, 123, 128, 132, 133, 138, 160; H.C.M. Michielse, Socialistische vorming (Nijmegen 1980) 105, 106, 195, 197, 213, 216; C.H. Wiedijk, Koos Vorrink (Groningen 1986); H. Wijfjes, Radio onder restrictie (Amsterdam 1988) 18, 35; J. de Roos, Besturen als kunst. Lokale sociaal-democraten 100 jaar verenigd (Amsterdam 2002).

Portret: 

C. Werkhoven, IISG

Auteur: 
Lex Heerma van Voss
Oorspronkelijk gepubliceerd in: 
BWSA 5 (1992), p. 299-301
Laatst gewijzigd: 

25-09-2002