Onderzoekt en verzamelt de geschiedenis van werk, werkenden en arbeidsverhoudingen wereldwijd

De controversiële vervlechting van feminisme en socialisme

By: 
Ella Meng

De geschiedschrijving over de Nederlandse vrouwenbeweging is, evenals de geschiedenis van politieke bewegingen in het algemeen, van oudsher gebaseerd op schriftelijk bronnenmateriaal. Visuele bronnen zoals posters, affiches en spotprenten gebruiken historici vaak louter als illustratie of versiering om hun conclusies op een levendige wijze toe te lichten.

Voor mijn onderzoek ben ik afgestapt van deze methode: ik heb een afbeelding niet gebruikt als toevoeging van reeds geconcludeerde bevindingen, maar als startpunt van onderzoek.

Arbeid voor de Vrouw - een affiche
In mijn bronanalyse heb ik het affiche Arbeid voor de Vrouw voor de loterij van de Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid uit 1898 bestudeerd, gemaakt door kunstenaar Jan Toorop (1858-1928). De Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid vond gedurende twee maanden plaats in Den Haag en was ongekend voor die tijd: nooit eerder was er een grootschalige politieke tentoonstelling georganiseerd door vrouwen in Nederland. Aanleiding voor de georganiseerde exposities en congressen over de ‘vrouwenquaestie’ was de inhuldiging van koningin Wilhelmina. Tijdens deze congressen kwamen onderhuidse spanningen tussen feministische en socialistische vrouwen naar boven over de juiste politieke koers. Door het affiche Arbeid voor de Vrouw nauwkeurig te bestuderen blijkt dat Toorop dit spanningsveld op subtiele wijze heeft verwerkt in zijn reclameplaat.

Vrouwen uit de arbeidersklasse versus de vrouwen van aanzien
Op de poster staat een imposante vrouw afgebeeld, rustend met de hamer op het aambeeld. Diverse vrouwfiguren en een sfinx vormen de achtergrond. De vrouwfiguren lijken aanvankelijk een eenheid te vormen die gezamenlijk strijden voor de noodzaak van betaalde en nuttige arbeid voor de vrouw. Maar niets is minder waar: bij bestudering van de groep is een tweedeling zichtbaar. Aan de rechterzijde van de centrale gestalte staan zeven vrouwfiguren afgebeeld die een mistroostige indruk wekken. Hun gelaatsuitdrukkingen en kleding geven blijk van armoede. Hier worden vrouwen uit de arbeidersklasse gesymboliseerd die noodgedwongen werkzaam zijn in de fabrieksindustrie of de huisnijverheid om het gezinsinkomen op te vijzelen. De vrouwfiguren aan de linkerzijde verschillen enorm in houding en uitstraling met de treurige arbeidersvrouwen aan de rechterzijde van de centrale gestalte. Dit zijn vrouwen van aanzien, klasse en stand. Met opgemaakte ogen, poeder op de wangen en opgestoken haren kijken ze met een hautaine blik.

Wat leert ons deze beeldtaal?
De tweedeling tussen de burgerlijke vrouwen en arbeidersvrouwen die Toorop heeft gecreëerd in zijn affiche haakte in op de discussies tussen feministen en socialisten die destijds werden gevoerd. Vooraanstaand SDAP-lid Henriëtte Roland Holst-van der Schalk (1869-1952) uitte in een brochure naar aanleiding van de tentoonstelling zware kritiek op het bourgeoiskarakter van de tentoonstelling. Volgens Roland Holst-van der Schalk werden arbeidersvrouwen niet vertegenwoordigd. De burgerlijke organisatrices van de tentoonstelling richtten zich namelijk op de wettelijke gelijkstelling van man en vrouw terwijl arbeidersvrouwen enkel baat hadden bij de verbetering van hun economische positie. Tijdens dit onderzoek heb ik geleerd dat nadere bestudering van de symboliek en beeldtaal van een affiche aanvullende historische inzichten kunnen geven.

Ella Meng is tweedejaars Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is daarnaast lid van de Onderwijscommissie van Studievereniging Kleio en werkzaam bij de Nationale Opera & Ballet.

Posted: 
maandag, 5 maart, 2018