Onderzoekt en verzamelt de geschiedenis van werk, werkenden en arbeidsverhoudingen wereldwijd

Labour History in Afrika

De nieuwste aflevering van het  Cambridge Journal History in Africa (juni 2014) -nu online- bevat een hoofdstuk ‘Labour History in Africa’, samengesteld door Karin Hofmeester en Filipa Ribeiro da Silva. Het hoofdstuk is gewijd aan de resultaten van het Sub-Saharan Africa network van de Global Collabaratory over the History of Labour Relations 1500-2000, een project van het IISG.

De nieuwe taxonomie van arbeidsrelaties die werd ontwikkeld door leden van de Collaboratory en nu voor het eerst is toegepast op Sub Sahara Afrika, maakt het mogelijk ontwikkelingen van arbeidsrelaties te volgen in diverse Sub-Sahara landen tussen 1800-2000 (voor Oostkust Afrika zelfs vanaf 1500), en deze ontwikkelingen te vergelijken met elkaar en met de rest van de wereld.

De inleiding van deze aflevering  is geschreven door Karin Hofmeester (IISG), Jan Lucassen (IISG) en Filipa Ribeiro da Silva (Universiteit van Macau en IISG Fellow). Zij introduceren het principe van de taxonomie en geven een overzicht van de historiografie op het gebied van Labour History in Afrika vanuit een mondiaal gezichtspunt.
Paul Lane legt vervolgens uit hoe archeologische vondsten kunnen worden geherinterpreteerd  om nieuwe ideeën over Labour Relations in Sub-Sahara Africa te helpen vormen. De andere drie artikelen zijn case studies:  een door Karin Pallaver over Tanzania 1800-2000, een tweede door Rory Pilossof over Zimbabwe 1900-2000 en een derde door Jelmer Vos over Angola 1800-2000.

Een voorlopige conclusie van het Collaboratory project als geheel is, dat overal ter wereld  verschillende soorten arbeidsrelaties in onderlinge combinatie  met elkaar bestaan, en dat in die diverse combinaties belangrijke  verschuivingen optreden. De artikelen in deze speciale uitgave laten zien  dat in Sub-Sahara Afrika de verschuiving  van overwegend wederkerige arbeid (meestal landarbeid ten behoeve van het eigen huishouden) naar de combinatie van wederkerige arbeid plus loonarbeid waarschijnlijk later en langzamer plaatsvond dan in andere delen van de wereld.  In zijn algemeenheid laten de casestudies voor 1800 overwegend landbouw maatschappijen zien, met vooral wederkerige arbeid ten behoeve van het huishouden, soms ook met bijbehorende huisslaven, gecombineerd met regio’s (vooral kust regio’s) waar handel en productie arbeid inclusief slavenhandel voorkwam. In 1900 zien we een opkomst van loonarbeid, vaak onvrij, in koloniale plantages, spoorwegen en als dragers. Veel arbeiders combineerden gedurende deze overgang  wederkerige- en productie arbeidsrelaties. In 1950 zien we een verschuiving naar productiearbeid, vooral door mannen die werken als loonarbeider in stedelijke industrieën, mijnbouw en commerciële landarbeid. Vrouwen en kinderen daarentegen bleven meestal werkzaam in de wederkerige landarbeid. Hier zien we een combinatie van arbeidsverhoudingen binnen het gezin. In 2000 zien we een groeiende urbanisatie, inclusief werkeloosheid en de ontwikkeling van een grote informele economie.

Geplaatst: 
13 oktober 2014