Onderzoekt en verzamelt de geschiedenis van werk, werkenden en arbeidsverhoudingen wereldwijd

Groeimarkt

6 december 1621
Anthonie Palamedesz, Een vrolijk gezelschap (1632)
Signatuur: 
North Carolina Museum of Art (op wikipedia)

De schilderkunst in de Lage Landen was al in de 15de en 16de eeuw een expansieve bedrijfstak. De beroemde meesters en de vele mindere goden in het vak zorgden ervoor dat de markt bleef groeien. Bezoekers uit het buitenland waren verbaasd over de hoeveelheid schilderijen die ze in gewone Nederlandse huishoudens aantroffen. De groei van de markt ging hand in hand met uitbreiding van het aanbod. Het meesterboek van het Delftse Sint Lucasgilde onderscheidde in 1613 de specialisaties portretkunst, stillevens, bloemstukken, landschappen en 'historiën.' En er was nóg een innovatie in de maak: het genrestuk, dat scenes uit het dagelijkse leven vastlegde. In de 17de eeuw werden in het Delftse gildenboek, naast de al genoemde specialisaties, ook nog schilders geregistreerd onder de noemers  'perspectief', strijdtaferelen en zeegezichten.

Guilds, Innovation and the European Economy, 1400-1800; S.R. Epstein and Maarten Prak eds (2008)146-148