DRION, Franciscus Johannes Wilhelmus

Franciscus Johannes Wilhelmus Drion

(roepnaam: Frans), in zijn jonge jaren een van de eerste anarchisten in Den Haag, is geboren te Den Haag op 2 september 1874 en aldaar overleden op 13 december 1948. Hij was de zoon van Franciscus Johannes Drion, musicus, en Elisabeth Bosmans. Op 2 februari 1898 trad hij in het huwelijk met Jannetje van Koert, met wie hij een zoon kreeg. Dit huwelijk werd ontbonden op 27 mei 1904. Op 8 maart 1907 hertrouwde hij met Elizabeth Maria Josepha Beguin, met wie hij een dochter en vijf zoons kreeg.
Pseudoniemen: A., Akrates.

Drion kwam op 1 april 1890 in dienst van de Coöperatieve Broodbakkerij en Verbruiksvereeniging 'De Volharding' in Den Haag als klerk bij de afdeling broodbakkerij. In 1896 werd hij boekhouder bij de afdeling kruidenierswaren. Drion werd anarchist, waarschijnlijk onder invloed van J.C. Methöfer, boekhouder, en Bart van Ommeren, die bij hetzelfde bedrijf werkten. Mogelijk al in 1892, zeker in 1893 werkte hij mee aan Anarchist. (Anarchistisch-communistisch orgaan; maandblad, sinds september 1892) onder andere met de vaste rubriek 'Sociaal Overzicht'. Spoedig zou hij mederedacteur van het blad worden tot Methöfer en hij in september 1894 het redacteurschap neerlegden. Vooral de Amsterdamse anarchisten waren tegen het plan om één anarchistisch weekblad te doen verschijnen en hun eigen blad op te geven. Beiden werden in 1895 lid van de Socialistenbond, waarvan zij hoopten dat hij zich in anarchistische richting zou ontwikkelen. Zij behoorden tot de 'communistische' richting, tegenover de individualistische' richting binnen het anarchisme (die bijvoorbeeld bezit van een eigen blad verdedigde). Drion ging ook op propagandatochten buiten Den Haag, sprak op een Paastoernee door Friesland (1894), in Haarlem en Amsterdam. Hij was sterk Frans georiënteerd (La Révolte): de staat is het kwaad, en is evenals de kerk, een machtsinstrument. Drion was voor samenwerking van anarchisten onderling en tenslotte ook voor beslissen bij meerderheid van stemmen. Drion werd mederedacteur van De Anarchist (oktober 1896-januari 1897) en bestreed daarin de mystieke, theosofische richting van W. Meng en zijn vereniging Wie denkt Overwint. De arbeidsverdeling was waarschijnlijk dat Drion vooral het redactionele werk voor zijn rekening nam.

Op 30 september 1898 nam Drion ontslag bij De Volharding en werd verzekeringswiskundige bij de Levensverzekeringsmaatschappij Arnhem. In 1904 sloot hij zich aan bij de Kiesvereeniging De Grondwet en in 1906 bij de Bond van Vrije Liberalen, waarvan hij in 1908 algemeen secretaris werd tot in 1921 de Vrije Liberalen met de Unie liberalen tot De Vrijheidsbond fuseerden. Drions overgang naar de Vrije Liberalen is niet zo'n onbegrijpelijke stap: deze liberalen ageerden ook tegen de staatsalmacht en het clericalisme. Drion werkte mee aan het periodiek Onze Eeuw (1908-19 13) en was hoofdredacteur van De Fakkel (Vrij-liberaal Weekblad; 1916-1918) en de Nationale Staatkundige Gids (1918-1921). Drion had zitting als 'vrije liberaal' in de Tweede Kamer voor Ridderkerk (1913-1918). Tot 1923 was hij lid van het algemeen bestuur van de Vrijheidsbond, maar bedankte als lid na het overlijden van Mr H.C. Dresselhuys in 1926. Hij was directeur van het Nationaal Bureau voor Documentatie over Nederland en hoofdredacteur van het weekblad La Gazette de Hollande (1923-1935). Als zodanig verzorgde hij voorlichting over het buitenland en de buitenlandse politiek, ook met gebruikmaking van 'stille persattachés'. In 1937 besloot Drion op de SDAP te stemmen. Hij maakte in 1939 met Mr Van Heuven Goedhart een reis langs de Nederlandse grens in verband met het optreden van 'Nederland' tegenover de vluchtelingen uit Duitsland en Oostenrijk. In deze lijn lag ook zijn lidmaatschap van het Comité van Waakzaamheid, tegen het Duitse fascisme en nationaal-socialisme, voor de (geestelijke) vrijheid. Bij 'links' was de vrijheid veiliger dan bij 'rechts', volgens Drion, waartoe hij ook de liberalen rekende met hun politiek van bezuiniging en 'aanpassing', zonder durf om te devalueren.

Drion was tijdens de Tweede Wereldoorlog hoofdredacteur van het illegale orgaan De Toekomst (Den Haag 1943-1945), schreef ook enkele artikelen in De Geus onder studenten, geredigeerd door twee van zijn zoons. In juni 1945 werd hij lid van de SDAP en na februari 1946 van de PvdA.

Archief: 

Archief van de Stichting tot voorlichting omtrent Nederland over de jaren 1919-1935 (Den Haag) aanwezig in Nationaal Rijksarchief (Den Haag).

Publicaties: 

Behalve artikelen in de genoemde periodieken: Het Beginsel-program (1909); Rapport over Het Belgische Stelsel van Ouderdomsverzorging (1911); Het nieuwe kiesstelsel (Zutphen 1917); De Vrij-Liberale Partij (1918; een bewerking van een brochure van J.H.W.Q. ter Spill uit 1909); 'Waarom ik op 26 mei a.s. op de SDAP-lijst stem' in: Het Volk, 5.5.1937; Vaderlandsche Jaarboeken 1937 (Den Haag 1938).

Literatuur: 

L. Winkel, De ondergrondse pers 1940-1945 (Amsterdam 1989, herziene uitgave van 1954); J.M. Welcker, 'Akrates-Drion' in: Mededelingenblad, mei 1967, 4-18; A.F. Mellink, Aanvulling 'Akrates-Drion' in: Mededelingenblad, december 1967, 47; P.J. Oud, Het jongste verleden. Parlementaire geschiedenis van Nederland I (Assen 1968); J. Hemels, Van perschef tot overheidsvoorlichter (Alphen aan den Rijn 1973).

Portret: 

F.J.W. Drion, 1913, uit: Onze afgevaardigden (Rotterdam 1913) 166

Handtekening: 

Huwelijksakte van Drion/Beguin dd. 8 maart 1907. Huw. akte 369; akteplaats ’s Gravenhage. Als bruidegom.

Auteur: 
Johanna M. Welcker
Oorspronkelijk gepubliceerd in: 
BWSA 1 (1986), p. 32-34
Laatst gewijzigd: 

22-05-2002