BYMHOLT, Berend

Berend Bymholt

socialistisch en anarchistisch publicist en auteur van de Geschiedenis der Arbeidersbeweging in Nederland (1894), is geboren te Veendam op 9 juli 1864 en overleden te Amsterdam op 27 mei 1947. Hij was de zoon van Markus Pieters Bymholt, arbeider, en Lammechien Prummel. Op 6 juni 1891 trad hij in het huwelijk met Abelina Annechien Jantina Veenstra. Dit huwelijk bleef kinderloos. Familienaam ook gespeld als Bijmholt.
Pseudoniemen: Demophilus, Ik, Een Nijmeegsch Socialist.

Bymholt groeide op in een Nederlands-Hervormd arbeidersgezin. Na de lagere school lieten zijn ouders hem voor onderwijzer studeren. Al jong stelde Bymholt zich actief en geëngageerd op. Hij behoorde in 1885 - zoals hij zelf schreef - tot 'eenige geestdriftige jongelui die zich overmoedig in den strijd stortten, dien ze niet kenden.., het hoofd vervuld van droomen van vrijheid - gelijkheid - en broederschap'. In dat jaar werkte hij mee aan het Groningse 'ultra-liberale' blad De Vrijheid. Na het overlijden van zijn vader vertrokken Bymholt en zijn moeder voor korte tijd naar Rotterdam, waar hij onderwijzer was (1885). Daarna was hij corrector aan de Veendamsche Courant (1887-1889). In Veendam werd in 1887 waarschijnlijk onder zijn invloed een afdeling van de Sociaal Democratische Bond (SDB) opgericht. In 1889 vertegenwoordigde hij zijn afdeling, die na zijn vertrek inzakte, nog op het SDB-congres. Hij publiceerde vele propaganda-artikelen in locale kranten en verder onder andere in De Vlieger (1885), De Vrije Pers (onafhankelijk nieuwsblad voor het Nederlandsche Volk; Rotterdam 1886, onder het pseudoniem Demophilus), De Pen (gewijd aan de belangen van de Nederlandsche ambtenaren; Arnhem 1886, 3 nummers), het Groninger Weekblad (1886-1887) en de opvolger daarvan, het Radicaal Weekblad (1888), Voorwaarts (Amsterdam 1887) en de Oldambster Courant (Winschoten 1888). Hij was redacteur van de Dollard en omstreken (orgaan voor de inkomstenbelasting; Noordbroek, 1886 3 nummers) en mederedacteur van Multatuli (1888).

In 1889 vertrok Bymholt na de dood van zijn moeder uit Veendam. Hij woonde enige tijd in Rotterdam, waar hij meewerkte aan Recht voor Allen en de grote havenstaking van 1889 versloeg. Na nog even gewoond te hebben in Den Haag en Elst, vestigde hij zich van 1890 tot 1895 in Nijmegen, als corrector bij de onder de naam van zijn vrouw gevoerde uitgeverij Veenstra en Co. Volgens Vliegen waren deze jaren zijn werkzaamste voor de beweging. Hier schreef hij ook zijn boek Geschiedenis der Arbeidersbeweging in Nederland. In 1891 vroeg Bymholt in Recht voor Allen hulp bij het schrijven van een geschiedenis van de arbeidersbeweging. Het initiatief tot dit boek is waarschijnlijk uitgegaan van de uitgever S.L. van Looy te Amsterdam, die eerst Joan Nieuwenhuis had gevraagd. Zijn boek Geschiedenis begon in 1893 in losse afleveringen te verschijnen. Als boek verscheen het in 1894 zowel bij Van Looy/Gerlings als bij uitgeverij Veenstra en Co. te Nijmegen. Bymholt gebruikte als bron een groot aantal brochures, periodieken, brieven, mondelinge en schriftelijke inlichtingen en natuurlijk zijn eigen herinneringen. Op aanraden van Domela Nieuwenhuis benaderde hij voor inlichtingen ook niet-socialisten, overigens met weinig resultaat, en gebruikte uitgaven van 'tegenstanders'. Het boek is kroniekmatig opgezet en zakelijk van stijl. Het onderscheidt zich door de aandacht die besteed wordt aan de confessionele vakbeweging, de vrouwenemancipatie, gebeurtenissen in België en de internationale beweging. Het behandelt de periode tot 1891 in verband met de door de uitgever gestelde omvang. Het aangekondigde tweede gedeelte over de jaren 1892 tot 1894 is nooit verschenen, wellicht omdat Bymholt het te druk had. Volgens Harmsen is ook mogelijk dat de grondige wijziging in zijn opvattingen - Bymholt werd anarchist en daarna religieus-socialist - daaraan debet is.

In Nijmegen werkte Bymholt mee aan Voorwaarts (Socialistisch Weekblad voor Gelderland) onder het pseudoniem Een Nijmeegsch Socialist, dat hij al eerder in Recht voor Allen had gebruikt. Tijdens het verblijf in het buitenland en de gevangenschap van A. van Emmenes nam Bymholt in 1894 tijdelijk de redactie van het blad Voorwaarts (Arnhem) over. Hij was een van de eersten die naar het anarchisme overgingen. Terwijl hij in 1887 nog voor algemeen kiesrecht was, getuige zijn brochure Algemeen Stemrecht! (Veendam), was hij nu tegen deelname aan verkiezingen. Ook vakverenigingen wees hij duidelijk af in zijn brochure Waarom ik tegen vakvereenigingen ben! (Nijmegen 1895). In Anarchist verzorgde hij in 1895 de rubriek 'Uit de Pers', waarin hij onder andere polemiseerde met Recht voor Allen en F. Domela Nieuwenhuis. Deze discussie werd door de nieuwe redacteur van Anarchist H.E. Kaspers gestopt. Bymholt trok zich na 1895 grotendeels terug als actief propagandist.

In 1896 verhuisde hij naar Drenthe, waar hij samen met zijn vrouw en een kostgangster heel afgelegen in het 'primitieve' dorp Uffelte (gemeente Havelte) woonde. Tot 1908 was hij daar onderwijzer, zij het niet helemaal naar zijn zin. In 1906 kreeg hij op eigen verzoek een maand ziekteverlof en na klachten over zijn manier van lesgeven vroeg Bymholt, die er al eerder aan gedacht had het onderwijs te verlaten, in 1908 ontslag, dat hem direct verleend werd 'wegens lichaamsgebreken'. In Uffelte was Bymholt getroffen door de behoefte aan lectuur bij de plattelandsbevolking, vooral in de winter. Hij reageerde in 1904 op twee artikelen van H.C. Muller in De Amsterdammer over openbare volksbibliotheken en pleitte er voor het platteland niet te vergeten. Met enige geschonken collecties boeken richtte hij een uitleenbibliotheekje op, eerst voor zijn leerlingen, later ook voor volwassenen. Met W. Juchter uit Amsterdam stichtte hij in 1903 een reizende volksbibliotheek. De Maatschappij tot Nut van 't Algemeen nam in 1907 de reizende volksbibliotheken over en in 1920 werd de Centrale Vereeniging voor Reizende Bibliotheken opgericht. Kort hiervoor, in 1901, was Bymholt gevraagd voor het lidmaatschap van de 'Documenten-commissie' van het Centraal Bureau voor Sociale Adviezen (CBSA), die 'alles' wat van belang was voor de bestudering van de arbeidersbeweging probeerde te verzamelen. Gezien Bymholts grote kennis en zijn contacten wilde men hem graag erbij hebben, al was er eerst enige aarzeling in verband met zijn vroegere anarchistische opvattingen.

Inmiddels had Bymholt zich van atheïstisch anarchist ontwikkeld tot religieus mens. In Levensrecht (1904-1905) schreef hij over 'God en Onsterfelijkheid'. Na zijn verhuizing naar Amsterdam in 1908, waar hij tot zijn dood op wisselende adressen bleef wonen, sloot hij zich bovendien aan bij de SDAP. Hij woonde in die jaren in het oude Westen, afdeling IX van de SDAP. Direct bij de oprichting in 1914 werd hij lid van het Religieus-Socialistisch Verbond (RSV). Hij werd archivaris van de RSV en bestuurslid van de afdeling Amsterdam. Als religieus-socialist trad Bymholt minder op de voorgrond dan als anarchist. Wel bleef hij zoals altijd schrijven, historische artikelen, boekbesprekingen en artikelen over het religieus-socialisme. De laatste onder andere in Vragen van den Dag (1912 en 1927), De Socialistische Gids (1923) en Nu (1928). Ook in het Populair Wetenschappelijk Bijvoegsel van Het Volk publiceerde hij (1921-1931).

Een onverwachte kant van Bymholt is dat hij vanaf omstreeks 1902 schilderde. Waarschijnlijk landschapjes en portretten, die hij soms thuis of elders exposeerde en onder partijgenoten probeerde te verkopen. Zijn theoretische interesse voor de kunst blijkt uit een aantal artikelen. Hij had ook literaire aspiraties en schreef onder meer de novelle De zoon van den werkman (Veendam 1887?) en de bundel Takken en twijgen, bloemen en bladen (Nijmegen 1895) met gedichten, schetsen en novellen. De Nieuwe Gids nam in 1916 zijn 'Dorpsherinneringen' op. Ook in Anarchist en Voorwaarts zijn gedichten van hem opgenomen. Bymholt was volgens Herman van Kuilenburg, die hem kende toen hij corrector was bij Voorwaarts te Rotterdam (1921-1923), een stille, wat eenzelvige man in een muisgrijs pak, die elk weekend naar zijn vrouw in Amsterdam reisde. Hij had een klein grijs snorretje dat nogal afwijkt van de breed uitstaande baard waarmee hij bij Vliegen is afgebeeld. Arie Pleysier noemde hem een prima corrector en een secuur mens. Bymholt overleed op 83-jarige leeftijd, in behoeftige omstandigheden en praktisch vergeten in de Watergraafsmeer. Zijn vrouw stierf enige maanden later. Het oordeel van Vliegen uit 1905 'vooral bekend om zijn werk Geschiedenis der Arbeidersbeweging in Nederland' geldt ook nu nog. Dit boek is nog steeds een onmisbare bron voor de geschiedschrijving van de vroege Nederlandse arbeidersbeweging.

Publicaties: 

Zie voor de voornaamste publikaties: Bymholt, Geschiedenis (herdruk 1976), 808-809.

Literatuur: 

H.E. Greve, Geschiedenis der leeszaalbeweging in Nederland. Gedenkboek uitgegeven ter gelegenheid van het vijf en twintig-jarig bestaan der Centrale vereeniging voor openbare leeszalen en bibliotheken 1908-1933 (Den Haag 1933); J.A. Nieuwenhuis, Een halve eeuw onder socialisten (Zeist 1933); Vliegen, Dageraad II, 195-198; M. Schouten, 'Bymholt en zijn boek' in: Maatstaf, maart 1976, 67-74; Bymholt, Geschiedenis (herdruk 1976) 491-492, 799-809; G. Harmsen, 'De vroegste geschiedschrijving van de Nederlandse arbeidersbeweging (1875-1905)' in: M. Campfens, M. Schrevel, F. Tichelman (red.), Op een beteren weg (Amsterdam 1985); J. Houkes, P. Hoekman, Multatuli en Groningen (Groningen/Veendam 1987); Em. Kummer, 'Onze voorouder: Multatuli, onafhankelijk weekblad' in: Over Multatuli 19 (1987) 6-18 en Over Multatuli 20 (1988) 30-40; B. van Dongen, Revolutie of integratie (Amsterdam 1992); H. Krips-van der Laan, Woord en daad. De zoektocht van Derk Roelfs Mansholt naar een betere samenleving (Assen 1999).

Portret: 

B. Bymholt, uit: H.E. Greve, Geschiedenis der Leeszaalbeweging in Nederland (Den Haag 1933) 301

Handtekening: 

Huwelijksakte van Bymholt/Veenstra dd. 06 juni 1891. Reg 1891, akte 37; akteplaats Veendam. Als bruidegom.

Auteur: 
Mies Campfens
Oorspronkelijk gepubliceerd in: 
BWSA 1 (1986), p. 24-27
Laatst gewijzigd: 

18-4-2015 (voornamen vader en echtgenote aangepast)